In Deventer ondersteunt een regionaal transferpunt huisartsen tussen 8 en 21 uur bij het vinden van acute bedden voor patiënten die niet langer thuis kunnen blijven. Een transferverpleegkundige neemt het rondbellen naar verpleeg- en verzorgingshuizen over.
Een klein probleem met grote gevolgen
Rondbellen voor een bed is administratief werk dat toevallig bij de huisarts terechtkomt. Het kost een half uur tot een uur, valt op onvoorspelbare momenten, en vraagt geen medische kennis maar kennis van wie waar plek heeft. Elke keer dat een huisarts dat zelf doet, is dat tijd die niet naar patiënten gaat.
Dit soort werk is een van de meest onderschatte bronnen van werkdruk. Het staat in geen enkele functieomschrijving en in geen enkele meting, maar het vult de dag.
De regioverpleegkundige
Deventer werkt daarnaast met een regioverpleegkundige die de schakel vormt tussen verpleeghuiszorg, VVT-instellingen en de huisartsenspoedpost. In de avond-, nacht- en weekenduren coördineert zij de zorg van de verschillende thuiszorgorganisaties en instellingen. Zij kan verzorgenden adviseren en ook zelf verpleegkundige zorg leveren, waardoor de huisarts van de spoedpost in die gevallen niet hoeft uit te rijden.
Dat is taakherschikking in de meest praktische vorm: niet een nieuwe functie bedenken, maar een rol beleggen bij iemand die de regio kent en bevoegd is.
Waarom kleinschalig hier een voordeel is
Beide oplossingen werken doordat het aantal betrokken partijen overzichtelijk is. Iedereen kent elkaar, en één telefoonnummer volstaat. Dat is precies waarom regionale oplossingen zich slecht laten kopiëren naar een landelijk model, en waarom regioplannen alleen werken als ze bij bestaande samenwerking aansluiten.
