Het overgrote deel van de patiënten wil medische informatie die beter te begrijpen is, en staat er positief tegenover om daar kunstmatige intelligentie voor in te zetten. Dat blijkt uit onderzoek van het Erasmus MC. De onderzoekers signaleren daarbij iets wat voor zorgorganisaties het belangrijkste punt is: faciliteren zorgorganisaties het niet, dan doen patiënten het vaak zelf.
Het punt zit in die laatste zin
Patiënten hebben sinds de digitale inzage in hun dossier toegang tot informatie die geschreven is voor collega's, niet voor hen. Specialistenbrieven, uitslagen en verslagen staan vol vaktaal en afkortingen. Wie dat niet begrijpt en het toch wil weten, plakt de tekst tegenwoordig in een chatbot.
Dat is precies waar het risico ontstaat. De patiënt deelt dan zijn medische gegevens met een dienst waar de organisatie geen zicht op heeft, en krijgt een uitleg terug waarvan niemand de kwaliteit heeft gecontroleerd. Een uitleg die net verkeerd is, is in deze context geen ongemak maar een reëel probleem.
Wat dit vraagt van zorgorganisaties
De onderzoeksuitkomst draait de vraag om. Die luidt niet langer of je AI wilt inzetten voor patiëntcommunicatie, maar of je wilt dat het binnen je eigen omgeving gebeurt of daarbuiten. Drie punten wegen daarbij zwaar:
- Verantwoordelijkheid. Een samenvatting die de organisatie aanbiedt, is een uiting van die organisatie. Er moet dus vastliggen wie inhoudelijk verantwoordelijk is en hoe fouten hersteld worden.
- Gegevensbescherming. Verwerking van bijzondere persoonsgegevens vraagt om een grondslag, een verwerkersovereenkomst en duidelijkheid over waar gegevens terechtkomen.
- Regelgeving. Afhankelijk van wat de toepassing doet, kan software kwalificeren als medisch hulpmiddel onder de MDR, met de Europese AI-verordening daarbovenop.
Ook een kans aan de andere kant
Begrijpelijke informatie levert niet alleen betere geïnformeerde patiënten op, maar ook minder vragen achteraf. Elke telefoontje naar de poli dat niet gepleegd hoeft te worden omdat de uitslag begrijpelijk was, is tijd die terugvloeit naar het primaire proces. Dat maakt dit een van de weinige toepassingen waarbij het belang van de patiënt en de werkdruk van de professional dezelfde kant op wijzen.
Meer over de afweging tussen technologie die tijd oplevert en technologie die vooral werk verplaatst staat in het achtergrondartikel over arbeidsbesparende zorgtechnologie.
